Sport & Vrije tijd
Typography

Gebruikerswaardering: 4 / 5

Ster actiefSter actiefSter actiefSter actiefSter inactief
 

Door Marc Jan Giesselink - NLMagazine/Voetbal - Traditioneel in het voetbal is de 4-3-3 veldbezetting. Simpel, en voor een beetje voetbalkenner makkelijk te begrijpen en uit te leggen. In de verdediging 4 spelers, waarbij één speler het dichtst bij het eigen doel staat.

Deze “laatste man”; ook wel “libero” genoemd, speelt doorgaans achter de verdedigingslinie om corrigerend op te treden. Terwijl ik in het amateurvoetbal mijn zaterdagmiddag probeer in te vullen met deze begrijpelijke strategie, speelt HFC Zondag-1 in een variant waarbij de tien veldspelers afwisselend verspreid op het veld rondlopen. Niet onmiddellijk het 4-3-3 systeem, maar menig variant daarop.

Het is fascinerend welke varianten in het voetbal voorkomen, vaak afhankelijk van het verwachte krachtsverschil tussen de twee teams. Verwacht men dat de tegenstander toch wel enigszins behoorlijk sterker is, wordt “de bus voor het eigen doel geparkeerd”. Meestal uit zich dat in een achterste verdedigingslinie van minstens 5 spelers. Kom daar maar eens dribbelend doorheen. Zelfs de meeste afstandsschoten smoren in de mêlee van lichamen; inclusief die van de aanvallende partij.

Eén van de bekenste veldverdeling is de befaamde ruit. Op onnavolgbare wijze in het verleden meermalen uitgelegd door wijlen Johan Cruijff. Zelfs voor mij, universiteit geschoolde voetballer, moeilijk te begrijpen. De moeite waard is de verandering van het eerdergenoemde 4-3-3 systeem, naar het totaalvoetbal, waarbij veldspelers continue van positie veranderen. Ogenschijnlijk moet daarvoor een ploeg heel goed op elkaar ingespeeld te zijn. Daarbij is het ook essentieel dat continue de vrije ruimte wordt gevonden en benut. Het meest herkenbare is wel het naar binnen trekken van voorhoede spelers, waarbij ruimte wordt gecreëerd voor opkomende backs.

Dit werd eind jaren zestig tot een kunst geheven door wijlen Rinus Michels, met exponent de levensgenieter Wim Suurbier. Als Wim Suurbier meermalen per wedstrijd het op een lopen zette, moest blijken dat de assistent scheidsrechters ook over een goede conditie beschikten. Menig tegenstanders hadden moeite om te begrijpen welke speler van Ajax door deze opkomende back, hun directe tegenstander was. Want de directe tegenstander van Wim Suurbier of de rechtsback positie, en van de, ook regelmatig opkomende Ruud Krol op de linksback positie, verzuimden het vaak om mee terug te komen. Hierdoor ontstond dan een desastreuze overtal voor het doel van menig tegenstander hetgeen leidde tot serieuze doelpogingen van Johan Cruijff en Piet Keizer.

Gecombineerd met de uiterst irritante buitenspel val, werd menig tegenstander door de vindingrijke Rinus Michels boys op een nederlaag getrakteerd.

De jaren na de introductie van het totaalvoetbal, trachten andere clubs deze vindingen te kopiëren. Maar daar heb je wel dan spelers voor nodig die het tot in de vezels instinctief aanvoelen. Eén van de opvolgers van de opkomende back was de, in Groningen geboren Hugo Hovenkamp. Opgegroeid onder de Martini toren bij de plaatselijke FC, vertrok Hugo Hovenkamp halverwege de jaren zeventig naar AZ ’67. Een jaar na zijn aankomst, sloot ook Wim van Hanegem zich aan bij de Alkmaarse “Zwoegers”, die een grote invloed heeft gehad op de verdere carrière van Hugo Hovenkamp. Met zijn typerende tred, was hij een waardige vervanger van Wim Suurbier op de Nederlandse velden en in het Nederlands elftal. De bijdrage van Hugo Hovenkamp resulteerde ook in het eerste kampioenschap van AZ ’67 in 1981.

Deze opkomende backs zijn mogelijk de basis geweest voor het huidige, snel wisselende positie spel van vandaag de dag, hetgeen het voetbal een veel aantrekkelijker kijkspel heeft gemaakt.

Een “dank je wel” naar Hugo Hovenkamp en wijlen Wim Suurbier en natuurlijk De Generaal.

Quote

Sport nu.nl

17 maart 2026

Het laatste nieuws het eerst op NU.nl