Telefoongebruik in het verkeer blijft hardnekkig probleem - NLMagazine, Telefoongebruik in verkeer - Even snel een berichtje lezen bij het stoplicht, de navigatie checken tijdens het fietsen of handsfree een telefoontje aannemen in de auto. Het lijkt onschuldig en vooral praktisch, maar de realiteit is een stuk minder geruststellend.
Smartphones zijn diep verankerd in ons dagelijks leven en dat geldt ook voor ons gedrag in het verkeer. Nieuwe cijfers laten zien dat dit gebruik nauwelijks afneemt, ondanks de bekende risico’s.
In 2025 geeft maar liefst 76 procent van de volwassenen aan weleens een telefoon te gebruiken tijdens deelname aan het verkeer. Dat percentage is vrijwel onveranderd ten opzichte van twee jaar eerder. Navigeren en berichten versturen of lezen behoren tot de meest voorkomende toepassingen, maar ook het verboden handheld bellen blijft opvallend populair. Eén op de vijf automobilisten en zelfs één op de drie fietsers zegt dit nog regelmatig te doen.
Daarbij verschuift het gebruik steeds vaker van functioneel naar puur afleidend. Waar de telefoon ooit vooral een hulpmiddel was, is het nu ook een bron van entertainment onderweg. Foto’s maken, video’s bekijken of zelfs een spelletje spelen: het gebeurt vaker dan men zou willen toegeven. Tegelijkertijd groeit het aantal mensen dat handsfree belt, een vorm die weliswaar is toegestaan, maar niet zonder risico blijkt.
Risico’s die we onderschatten
Onderzoek wijst uit dat telefoongebruik een directe invloed heeft op de verkeersveiligheid. Automobilisten die hun telefoon gebruiken, lopen bijna twee keer zoveel risico op een (bijna-)ongeval. Voor fietsers is dat risico zelfs verdubbeld, en voetgangers spannen de kroon met een 2,6 keer hoger risico. Opvallend is dat het gevaar zich niet beperkt tot rijdende situaties. Ook wanneer voertuigen stilstaan, bijvoorbeeld bij verkeerslichten of in files, blijft de afleiding een rol spelen.
Bij maar liefst 38 procent van de gemelde (bijna-)ongevallen onder respondenten was telefoongebruik een factor. Dat maakt het één van de belangrijkste oorzaken van verkeersincidenten. Toch lijkt die wetenschap weinig effect te hebben op het gedrag van weggebruikers.
Gewoonte wint het van verstand
Een belangrijke verklaring ligt in het ontstaan van routinegedrag. Voor één op de vijf verkeersdeelnemers is het gebruik van de telefoon tijdens het verkeer simpelweg een gewoonte geworden. Het aandeel automobilisten dat tijdens elke rit de telefoon gebruikt, is de afgelopen jaren zelfs toegenomen: van 3 procent in 2017 naar 8 procent in 2025.
De drijfveer is duidelijk: de behoefte om altijd bereikbaar te zijn. Werk, sociale contacten en informatie lopen naadloos door elkaar heen, ook onderweg. Opvallend genoeg vindt 64 procent van de gebruikers het eigen gedrag acceptabel. Daarmee wordt het probleem niet alleen in stand gehouden, maar ook genormaliseerd.
Verandering begint bij kleine keuzes
Volgens onderzoekers zal het telefoongebruik in het verkeer niet vanzelf afnemen. De sleutel ligt in het doorbreken van ingesleten gewoontes. Simpele maatregelen blijken daarbij verrassend effectief. Zo legt inmiddels 37 procent van de verkeersdeelnemers de telefoon bewust buiten handbereik voordat ze op pad gaan.
Technologische oplossingen, zoals apps die het telefoongebruik blokkeren, blijven vooralsnog achter in populariteit. Ook werkgevers kunnen een rol spelen, aangezien een aanzienlijk deel van het gebruik werkgerelateerd is. Heldere afspraken over bereikbaarheid tijdens reistijd kunnen bijdragen aan veiliger gedrag.
Een kwestie van normen
Uiteindelijk draait het niet alleen om regels of technologie, maar om een bredere gedragsverandering. Zolang het normaal wordt gevonden om ‘even snel’ op de telefoon te kijken, blijft het risico bestaan. Het verkeer vraagt om aandacht, volledig en onverdeeld.
De vraag is dan ook niet of we weten dat telefoongebruik gevaarlijk is. Die kennis is er al lang. De echte vraag is of we bereid zijn ons gedrag aan te passen. Want pas wanneer we de telefoon daadwerkelijk laten liggen, wordt het verkeer weer een stukje veiliger.










