Column Fred van Assendelft
Typography

Gebruikerswaardering: 5 / 5

Ster actiefSter actiefSter actiefSter actiefSter actief
 

Column door Fred van Assendelft - NLMagazine/Columns - Meer dan 250 miljoen jaar geleden, toen bijna alle continenten naar elkaar toedreven tot een groot supercontinent, Pangaea, leefden er al veel zee- en landdieren op de aarde. Waarschijnlijk door grote vulkanische uitbarstingen kwamen er veel zwavel, CO2 en andere giftige gassen in de atmosfeer. Vergelijk het maar met wat er op dit ogenblik op de wereld gebeurt: de planeet warmt op.

Toen vond het allemaal in een betrekkelijk korte tijd plaats. Het uitsterven, niet van de dinosauriërs, die waren er toen nog niet, van 70 procent van het landleven tot 90 procent van het zeeleven gebeurde in slechts (ongeveer) 50.000 jaar. In de wetenschap staat dit fenomeen bekend als The Great Dying.

Met de survival of the fittest had het weinig van doen. Het uitsterven gebeurde van onderaf. Planten stierven door gebrek aan zonlicht en de planteneters stierven de hongerdood. Door het verzuren van de oceanen en het ontbreken van zuurstof gingen de kleine dieren dood, eerst de algen, daarna de dieren die algen aten en vervolgens de jagers die de kleine dieren aten, enzovoort.
De voorouders van de dino’s overleefden de uitsterving en het is waarschijnlijk dat door Het Grote Sterven de dinosauriërs de ruimte kregen om uit te groeien tot soms de machtige dieren die we uit de films kennen.

Er zijn in totaal vijf uitstervingen geweest. Soms duurde het wel tientallen miljoenen jaren voordat de gevolgen van het uitsterven volledig voorbij waren, maar het gevolg was zeker niet desastreus. Een groot gedeelte van de levende wezens stierf uit, maar het gaf ook ruimte en minder concurrenten en over het algemeen mogelijkheden voor het ontstaan en de ontwikkeling van nieuwe soorten.

Misschien is uitsterving nummer zes op komst, we doen ons best, laten we vooral zo doorgaan om het mee te maken, het grote sterven.

Fred van Assendelft

 

Inmiddels gepensioneerd leraar Engels en Nederlands.
Om niet de hele dag achter de geraniums te hoeven doorbrengen geef ik nog steeds les: privélessen.
Nederlands voor anderstaligen.

Ook heb ik eindelijk de tijd om te schrijven wat ik leuk vind en dat doe ik in de columns van NL Magazine.
Ik hoop dat de lezers er net zoveel plezier in hebben als de schrijver, ik dus.